Home » Cultuur » Stiepeltekens

Stiepeltekens

De stiepel is, ook constructief gezien, hecht verbonden met de ontwikkeling van het middeleeuwse hallehuis in Oost-Nederland en West-falen. Het los hoes (onverdeeld hallehuis) dat volgens de jongste onderzoekingen omstreeks 1100 zal zijn ontstaan, voldeed voor het eerst aan de behoefte, een dorsdeel te creëren, voor de gestegen oogstproductie. De potstal bevond zich aan weerzijden van de middenbeuk, verdiept aangelegd. De later tot regionale vormen geëvolueerde deeldeuren werden in deze periode voor het eerst toegepast. Ze waren hoofdzakelijk voor het inrijden van de oogstwagens en het in- en uitdrijven van de veestapel. De stiepel is in of na de 14de eeuw in zwang gekomen, omdat de inrijmogelijkheid optimaal moest zijn, in verbond met verdere technische en agrarische vernieuwingen.

Foto stiepelteken op boerderijdeur.
Stiepelteken met zandlopermorief op de deur van een boerderij.

De oudste vorm van het stiepelteken is het ingekerfde maalkruis. Al gauw kreeg het teken een zandloperachtige vorm. Het sobere motief raakte ingeburgerd en werd in West-Twente tot 1940, in Oost-Twente tot op heden bij de boerderijbouw toegepast. Het feit dat de ‘zandloper’ ook wel werd uitgezaagd als ontluchtingsopening, dient onder de nok van de voorgevel, bevestigd de verklaring als bliksemafwerend motief. Tussen Oost- en West-Twente tekent zich het verschil in geloof in zoverre af, dat kruismotieven alleen ten oosten van de lijn Almelo – Bornerbroek – Enter – Goor – Diepenheim voorkwamen. Het verspreidingsgebied is gelijk aan dat van de katholieke geveltekens.

Sinds de 19de eeuw werd het stiepelteken geschilderd. Het bevind zich midden op de paal, zodat de scheidslijn van de donkere onderkleur en de witte boventint al vooraf vaststaat. De schilder kon zijn fantasie af en toe botvieren in het wisselend kleurenspel van het stiepelteken. IN de buurtschappen rondom Enschede werd de zandloper overwegend rood-wit geschilderd. In de stiepeltekenfamilie springen, die met diamantkopjes in het midden van het teken, direct in het oog. Deze stiepel decoratie dateert uit de tweede helft van de achttiende eeuw. In de 19de eeuw wordt het ludieke, versierde element groter. Het motief gaat meer en meer op “Spelerrei” lijken. Het is te merken, dat een zinvolle functie als ‘beschermer’ ontbreekt. Het is een tijd van toenemende technische verworvenheid en vernieuwingen.